Versnellingstafels: regionale samenwerking voor een duurzamer Nederland

08 nov 2013

Duurzame, innovatieve energieprojecten met economisch potentieel voorbij knelpunten helpen. Daar gaat het om bij het programma Kracht van de regio dat het ministerie van Economische Zaken (EZ) samen met Agentschap NL en regionale overheden uitvoert. Het idee achter de Versnellingstafels en drie projecten uit de Energy Valley-regio.   Kracht van de regio is een project dat EZ samen met Agentschap NL uitvoert en dat streeft naar een betere samenwerking tussen Rijksoverheid en provincies. Rijk en regio gaan gezamenlijk een gelimiteerd aantal duurzame-energieprojecten oppakken. Met Kracht van de regio wordt gestreefd naar het verbinden van de energieagenda’s en visies van decentrale overheden met de Topconstortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s) van de Topsector Energie en daarbinnen samen te werken.  

Om de projecten daadwerkelijk verder te helpen worden Versnellingstafels georganiseerd. “Aan de Versnellingstafels brengen we de denkkracht, expertise en invloed van de Rijksoverheid, regio’s, provincies, steden, bedrijven, kennisinstellingen, specialisten en andere instanties die bij het project betrokken zijn samen”, legt Yvette Lammers uit, beleidsadviseur bij EZ.  

Eigen initiatief en samenwerking  

“De uitgenodigde specialisten van relevante organisaties gaan met elkaar in gesprek en zoeken naar een oplossing”, aldus Lammers. “De Tafels zijn vraaggestuurd. De knelpunten bepalen welke mensen worden uitgenodigd. Of er over financiën, vergunningen, praktische uitdagingen, of beleidsvraagstukken wordt gesproken. We werken bottom-up. De input komt van de ondernemers en de provincies. Eigen initiatief en samenwerking in plaats van top-downsturing.”   In Noord-Nederland wordt er in Energy Valley-verband gewerkt aan drie hooginnovatieve concepten met groot potentieel op het gebied van duurzaamheid. Slimmere oplossingen voor mobiliteit en energieverbruik staan hoog op de agenda.  

Biogasplant of the future  

Een illustratief voorbeeld is het project ‘Biogasplant of the future’. Met dit project willen de betrokken partners (NVP, DSM, Noblesse Proteins, Attero en Stichting Energy Valley, ondersteund door de provincie Drenthe) een nieuwe generatie vergistingsinstallaties ontwikkelen en bouwen die biogas produceert uit lastig te vergisten stromen en met een doorlooptijd van één week in plaats van de dertig tot honderd dagen die nu standaard zijn.  

 “Het voordeel hiervan is dat de kosten per kuub geproduceerd gas lager zullen zijn dan bij conventionele installaties”, aldus Ruud Paap, als senior projectleider groen gas van Energy Valley betrokken bij deze en andere Versnellingstafels. De biogasinstallatie wordt gevoed met kippenmest en flotatievet en men verwacht op basis van eerdere experimenten een hoge gasopbrengst te behalen. Op het ogenblik loopt er een proef met het beoogde procedé waarvan DSM en de TU Delft de mogelijkheden bekijken.  

 “Op termijn kunnen de kosten voor mestafzet door deze initiatieven voor de pluimveehouder dalen. Het geproduceerde gas wordt vervolgens naar groengaskwaliteit gebracht via de Groen Gas Hub van Attero. Ook wordt nadrukkelijk onderzocht of het biogas ook in bio-LNG kan worden omgezet en of voor de mineralen en overige bestanddelen in het digestaat nog een nuttige toepassing gevonden kan worden, hetgeen weer tot extra inkomsten kan leiden”, aldus Paap.  

Power to Gas  

Een andere Versnellingstafel wordt georganiseerd rondom een Power to Gas-demonstratieproject waar verschillende publieke en private partijen bij betrokken zijn in de Eemsdelta. Paap: “Met dit project willen ze een duurzame energiekringloop vormen waarbij het opgestelde windvermogen kan worden ingezet om waterstof en duurzaam gas direct of via de aardgasinfrastructuur te leveren aan de daar aanwezige bedrijven. Het voordeel van gas is dat het makkelijker is op te slaan en dat de transportkosten lager liggen.”   Water kan door middel van elektrolyse ontleed worden in zuurstof en waterstof. Op momenten dat er een ‘stroomoverschot’ is, kan de opgewekte windenergie uit de Eemshaven, of off-shorewindparken, door elektrolyse worden omgezet in duurzaam gas en/of in waterstof. Bij deze methode wordt gebruikgemaakt van CO2 afkomstig van de aanwezige bedrijven. Daarbij kunnen diezelfde bedrijven het ontstane gas en/of waterstof in sommige gevallen rechtstreeks of via het gasnet weer afnemen voor hun eigen processen.   Het proces om elektriciteit om te zetten naar gas kost naar verhouding weinig energie en is dus een rendabele oplossing als er een overschot aan wind-, of zonne-energie of een andere vorm van duurzame energie beschikbaar is.  

(Bio-)LNG in de vaart en op de weg  

De noordelijke provincies zetten ook sterk in op LNG in de Waddenregio, als stille en emissiearme brandstof voor scheepvaart op de Waddenzee en in het zwaardere wegtransport. Hierbij wordt de ontwikkeling van regionale ketens, voor productie, opslag, distributie en gebruik gestimuleerd.   Met dit project wordt tevens beoogd het aantal schepen dat op groen gas vaart in vloeibare vorm (bio-LNG) verder te stimuleren. “De uiteindelijke opbrengst is het verbeteren van de luchtkwaliteit in combinatie met het verlagen van de CO2-footprint van de regio, maar ook het creëren van werkgelegenheid rondom deze opkomende markt”, aldus Paap. “Voor deze markt moet namelijk een infrastructuur worden aangelegd, nieuwe technologie worden ontwikkeld en opslagcapaciteit worden gecreëerd om het (bio-)LNG te kunnen bunkeren en te tanken.”   Voor de opslag en het gebruik rondom de Waddenzee wordt gekeken naar de havens in Den Helder, Harlingen, Holwert, Lauwersoog, Eemshaven en Delfzijl. De ontwikkelingen van LNG in het noorden worden ondersteund door de TaskForce LNG Noord-Nederland.  

Rollende agenda  

Kracht van de regio is gestart in september en heeft een rollende agenda. Op dit moment zijn er elf projecten geselecteerd. Wanneer een aantal knelpunten zijn opgelost is er weer plek voor nieuwe projecten. De projecten worden door de provincies aangedragen en moeten bijdragen aan een innovatief en duurzamer Nederland met minder CO2-uitstoot.

Bron: Groen Gas Nederland

Nieuwsarchief