'Masterplan wind op zee helpt bij lokken van institutionele beleggers'

23 mei 2014

"Er moet een stuurgroep komen die de uitrol van windenergie op de Nederlandse Noordzee gaat coördineren. Die stuurgroep zou moeten bestaan uit vertegenwoordigers van overheid, semi-overheid (lees: Tennet) en marktpartijen." Dat adviseren de kwartiermakers van de Nederlandse Investeringsinstelling deze donderdag aan minister Henk Kamp van Economische Zaken. Kamp zegt het idee te omarmen en hoopt nog voor de zomer "een heel eind" te kunnen komen met de uitwerking.

Jan van Rutte, de kwartiermaker voor de Nederlandse Investeringsinstelling (NII), overhandigde deze donderdag zijn eindrapport over de oprichting van de NII aan minister Kamp. Naast een advies over de oprichting en de uitwerking van de NII zelf, presenteerde hij daarbij ook een specifiek advies over de financierbaarheid van de wind op zee-doelstellingen van het kabinet. De 'trekker' van dat laatste onderdeel, met als belangrijkste aanbeveling dus de oprichting van een stuurgroep voor de uitrol van offshore wind, was voormalig Nuon-CEO Huib Morelisse.

De NII zal een makelaarsrol gaan spelen tussen institutionele beleggers en projecten van maatschappelijk belang die moeite hebben met het aantrekken van kapitaal. Door zulke projecten te bundelen, zouden voor pensioenfondsen en verzekeraars aantrekkelijke investeringsfondsen kunnen worden samengesteld. Daarbij werd ook gedacht aan duurzame-energieprojecten en de link met de tiende pijler van het energieakkoord -die gaat over financiering- was snel gelegd. De vraag naar de financierbaarheid van de afspraken uit het energieakkoord moest daarom onderdeel worden van het NII-oprichtingsplan.

Stuurgroep wind op zee

Dat resulteerde uiteindelijk in een apart advies over wind op zee: Morelisse constateerde dat vooral in deze sector de kwestie van financierbaarheid een belangrijke rol speelt. De kapitaalvraag bij wind-op-zeeprojecten is vaak zo groot is dat er van bundeling niet eens sprake hoeft te zijn om institutionele beleggers te interesseren, maar wel moeten de projectrisico's transparanter en voorspelbaarder worden, stellen de kwartiermakers in hun advies. Een stuurgroep die een 'masterplan' ontwerpt én vervolgens toeziet op de uitvoering daarvan, zou de ontwikkeling van offshore wind voor beleggers veel voorspelbaarder maken en dus de financierbaarheid vergroten.

De korte conclusie, zegt Morelisse in gesprek met Energeia, is namelijk dat er "zat geld" is. "Maar de vraag is, kunnen we het geld verleiden om naar Nederlandse windparken te komen?" Dat kan, denken de adviseurs, maar daarvoor is het van belang dat de uitrol van wind op zee op een systematische, centraal gecoördineerde en daarmee voorspelbare manier wordt aangepakt.

Bron: Energeia

Nieuwsarchief