Kamp schudt Duitse collega zeven maal de hand over energiebeleid

29 jul 2014

Minister Henk Kamp (VVD, Economische Zaken) heeft een overeenkomst getekend met de Duitse minister Sigmar Gabriel (SPD, Economie en Energie) over verdere samenwerking op het gebied van energie. De samenwerkingsplannen richten zich op verdere marktintegratie tussen Nederland en Duitsland, het waarborgen van leveringszekerheid, verduurzaming en efficiëntie.

In de overeenkomst staat te lezen waarom de buurlanden de banden extra aanhalen. Gewezen wordt op het feit dat Nederland en Duitsland "sterk verbonden zijn" en dat Duitsland en Nederland beseffen "dat bij nationale energiepolitiek rekening moet worden gehouden met het effect op aangrenzende landen". Verschillen in energiebeleid tussen Nederland en Duitsland, zoals in steun aan schone producenten en grote afnemers en daaruit volgende prijzen, stonden de afgelopen tijd geregeld in de belangstelling.

Om verschillen te verkleinen zijn zeven strategische punten van samenwerking vastgesteld.

De eerste is marktintegratie, zowel via netwerken als handelssystemen. De landen "zullen de verschillende opties bespreken om de flexibiliteit van het elektriciteitssysteem te vergroten". Omdat marktintegratie een "intensieve, regionale samenwerking" behoeft zullen de landen gebruik maken van de "relevante kaders" voor regionale samenwerking, vooral het Pentalateraal Energie Forum, waar dus ook andere landen in deelnemen.

Best practices over draagvlak worden uitgewisseld

Daarnaast streven Duitsland en Nederland gezamenlijk naar aanpassing van de beginselen van subsidie aan hernieuwbare; verlaging van kosten staat daarbij centraal. Bekend is dat Duitsland royaler is geweest met de ondersteuning van duurzame opwek en dat ook de Europese Commissie een koers heeft uitgestippeld naar gematigdere, uniformere subsidieregimes in lidstaten - dit vraagt om hervorming in Duitsland.

Kamp en Gabriel hebben verder afspraken gemaakt op het gebied van de klimaatdoelstellingen voor 2020, 2050 en verder. Hun landen gaan samen optrekken bij de invulling die daaraan gegeven wordt en steken ook de koppen bij elkaar waar het gaat om de discussie over maatregelen voor de hervorming van het CO2-emissiehandelssysteem ETS.  Duitsland en Nederland "plegen overleg" over de verschillende opties om de CO2 te verminderen, inclusief van de afvang en opslag van CO2 (CCS). CCS is een gevoelig onderwerp, dus het creëren van draagvlak is nodig als werk gemaakt wordt van het opbergen van CO2.

De landen zullen verder hun best practices delen voor het genereren van publieke steun voor energie-infrastructuur, waaronder hoogspanningstracés, windparken op land, offshore windenergie, LNG-infrastructuur en gasopslag.

Op innovatiegebied moet een wisselwerking van de grond komen, waar het gaat om de ontwikkeling van duurzame technologieën zoals offshore wind, slimme netten en aardgas als transitiebrandstof.

Dat laatste punt, de rol van gas, wordt in de overeenkomst ook nog eens los genoemd. Expertise over gaszaken wordt gedeeld.

De afsluitende afspraak is vooral een deal om te zorgen dat het niet bij de overeenkomst van twee A4-tjes blijft. Afgesproken is dat de directeuren-generaals Energie van beide landen om de zes maanden met elkaar overleggen om de uitwerking en voorgang van de energie-overeenkomst te bespreken. Kamp en Gabriel gaan ten minste elk jaar een keer samen zitten om daar naar te kijken.

 

Bron: Energeia.nl

 

Nieuwsarchief